woensdag 7 mei 2008

Aan, uit en in

Joren spreekt voorzetsels. Vergis je niet, voorzetsels zijn geen stomme kleine woordjes, het zijn hele zinnen op zich.

De laatste week hebben we geleerd dat achter "Uit!" een hele boodschap kan zitten. Als je op het speellaken in het gras wil zitten maar er zit nu toevallig iemand precies op datzelfde plekje, is het heel efficient om eens aan die arm te trekken en veelbetekend "Uit!" te roepen. Hetzelfde gebeurt ook met de hoge stoel, het bad, de autostoel,... Waar mogelijk wordt direct ook de daad bij het voorzetsel gevoegd. "Uit" is dan ook de populairste (en meest gevreesde) van de voorzetselzinnen.

Vervolgens volgen "Aan" en "In". "Aan" wordt opvallend veel gebruikt in de context van TV en video of van speeltjes met muziek (die toevallig per ongeluk afstaan).

Om de dingen kracht bij te zetten kunnen soms ook "samengestelde voorzetselzinnen" gebruikt worden. "Aan- In" is bijvoorbeeld wat het best gebruikt wordt als, ondanks heel veel moeite, 2 puzzelstukjes niet aan elkaar vastgeraken.

Je ziet dus : een voorzetsel is niet zomaar een voorzetsel. Als 1 "klein stom woordje" al zo'n betekenis kan hebben, dan wachten we vol ongeduld tot Joren 2-woordzinnen gaat spreken...

Geen opmerkingen: